- Ik verdeel de taken op basis van wie geschikt is voor wat, en motiveer het team.
- Ik begin snel te werken en verwacht dat de anderen zich aanpassen.
- Ik probeer een goede sfeer te creëren, zodat we niet gestrest zijn.
- Ik analyseer de opdracht en zoek naar strategische oplossingen.
- Ik let erop dat niemand in het team meer op zich neemt dan hij of zij aankan.