- Het is mijn beste vriend - we begrijpen elkaar en steunen elkaar.
- Het is mijn strenge mentor – hij eist veel van me, maar vormt me.
- Het is mijn partner - we hebben een evenwichtige relatie vol respect.
- Het is mijn tegenstander - ik vecht voortdurend tegen hem, maar tegelijkertijd duwt hij me vooruit.
- Het is mijn gevangenisbewaarder - ik heb het gevoel dat hij me controleert.