- Ik betrek hem bij groepsactiviteiten en leer hem naar de meningen van anderen te luisteren.
- Ik leg hem uit hoe belangrijk het is om in een team te kunnen werken.
- Ik ondersteun zijn zelfstandigheid, maar tegelijkertijd laat ik hem de voordelen van samenwerking zien.
- Ik laat hem beslissen of hij met anderen wil werken of niet.
- Ik geloof dat ze zal leren samenwerken als ze ouder is.