- Ik verdedig me meteen en leg mijn versie uit.
- Ik wacht tot het afkoelt en dan pak ik het aan.
- Ik vraag hem waarom hij dat denkt.
- Ik probeer de aandacht op een ander onderwerp te vestigen.
- Ik laat hem even in de veronderstelling dat hij gelijk heeft, zodat hij tot rust kan komen.