- Ik zou hard lachen en er een grapje van maken.
- Ik zou blozen en het snel rechtzetten.
- Ik zou lachen, maar ik zou meteen beginnen te vragen waarom niemand me dat heeft verteld.
- Ik zou me ongemakkelijk voelen en proberen het te vergeten.
- Er zou een samenzweringstheorie ontstaan dat iemand me daar opzettelijk in heeft betrokken.