- Ik observeer zijn mimiek en lichaamstaal om mijn vermoeden te bevestigen.
- Ik stel vragen en probeer zijn reacties te analyseren.
- Ik zal het niet laten blijken, maar van binnen let ik erop.
- Ik zal onmiddellijk reageren om te laten zien dat ik de leugen heb opgemerkt.
- Ik vertrouw eerder op wat hij zegt dan op non-verbale signalen.