- Ik stap naar hem toe en bied hem mijn hulp aan, ook al weet ik niet zeker wat er aan de hand is.
- Voorzichtig volg ik hem van een afstand en wacht ik of iemand anders zijn situatie opmerkt.
- Ik zal proberen oogcontact te maken of zachtjes vragen of alles in orde is.
- Ik grijp niet in, tenzij ik zeker weet dat het noodzakelijk is.
- Ik spreek iemand anders in de buurt aan en vraag of hij weet wat er aan de hand is.