- Het verrast me, maar ik probeer zo goed mogelijk te antwoorden.
- Ik stop, denk na en probeer zinvol te antwoorden.
- Ik denk snel na over voorbeelden uit het verleden die ik kan gebruiken.
- Ik zou zeggen dat ik het niet weet, maar ik kom dichter bij het antwoord.
- Ik concentreer me eerder op hoe ik met zekerheid kan antwoorden dan op het antwoord zelf.