- Ik neem mijn gezin mee voor een wandeling en om de omgeving te verkennen.
- Ik ga het persoonlijk oplossen - in stilte, maar beslist.
- Ik wacht af of iemand anders zich meldt - misschien lost het zichzelf op.
- Ik stel voor dat we voorlopig iets in het hotelrestaurant nemen.
- Ik ben niet enthousiast, maar ik probeer het voor anderen niet te laten zien.