- Ik stel een gezamenlijk spel of een verandering van omgeving voor.
- Ik geef ze ruimte - misschien lossen ze het zelf op.
- Ik probeer ze te kalmeren, ook al maakt het me moe.
- Ik zeg tegen mezelf dat vakantie niet alleen om kinderen gaat.
- Ik verhoog mijn stem - ik heb rust nodig.