- Ik pak mijn spullen en verdwijn zonder uitleg.
- Ik regel het zo dat alles doorgaat, ook zonder mij.
- Ik begin te analyseren wat ik daarmee zou kunnen verliezen.
- Ik zal iemand bellen die ik daar zou kunnen voorstellen.
- Ik ga nergens heen - ik heb hier verplichtingen.