- Alsof ik iets belangrijks zou verwaarlozen
- Eindelijk – maar tegelijkertijd weet ik niet wat ik met die tijd moet doen
- Ik voel enthousiasme, maar ook innerlijke spanning.
- Het klinkt als de hemel, maar ik weet dat het niet gaat lukken.
- Ik ben blij – meteen plan ik in mijn hoofd wat ik zou doen.