- Ik maak een lijst en deel het op volgens prioriteiten.
- Ik zal de snelste dingen regelen, zodat ik een gevoel van vooruitgang heb.
- Ik zal mijn collega's vragen wat echt dringend is.
- Ik stel alles uit – ik moet eerst wennen.
- Ik stop voor een koffie en stem me even af op de omgeving.