- Ik zal proberen op een nette manier met hem te praten.
- Ik sluit de deur en probeer me op iets anders te concentreren.
- Het maakt me ongerust, ik voel me verstoord.
- Ik maak gebruik van de gelegenheid om naar buiten te gaan voor een wandeling.
- Ik denk na wat me daar eigenlijk zo stoorde.