- Begrijpend – wie heeft het vandaag de dag niet nodig?
- Ik begin na te denken of ik ook iets verwaarloos.
- Ik bewonder hun moed om het toe te geven.
- Ik voel een lichte irritatie - iedereen moet het immers aankunnen.
- Ik moedig ze aan - rust is tenslotte normaal.