- Ik controleer de kaart en plan logisch de weg terug.
- Ik stop iemand en vraag om advies.
- Ik vraag me af of het eigenlijk geen kans is.
- Ik begin in paniek te raken, maar ik probeer kalm te blijven.
- Ik ga zitten en neem even de tijd om uit te rusten, terwijl ik beslis.