- Ik omzeil hem en vind mijn eigen pad door de vallei.
- Ik zal stoppen en nadenken over wat deze top voor mij betekent.
- Ik begin te klimmen, ook al zie ik de top niet helemaal.
- Ik bel iemand die me kan helpen of me kan begeleiden.
- Ik keer terug en wacht op betere omstandigheden.