- Ik begin patronen, herhalingen of anomalieën op te merken.
- Ik probeer intuïtief te raden waar ze voor dienen.
- Ik richt me op één onderwerp en begin het grondig te onderzoeken.
- Ik wacht tot iemand iets doet, zodat ik de context begrijp.
- Ik laat me leiden door toeval - wat me als eerste opvalt, dat onderzoek ik.