- Ze zijn als een kaart - ze leiden me, maar vervangen de weg niet.
- Als suiker - lekker, maar ik weet dat ik maat moet houden.
- Als lucht - zonder hen voel ik me verloren.
- Als vuur - als ik het niet in de gaten hou, verzwelgt het me.
- Als een raam – het toont de wereld, maar als ik het niet sluit, is er tocht.