- Ik sluit me op in de stilte en laat de dingen hun gang gaan.
- Ik begin naar een andere oplossing of weg te zoeken.
- Ik schrijf naar iemand die me kan begrijpen.
- Ik begin na te denken waar ik een fout heb gemaakt.
- Ik moet snel verder gaan – al is het maar symbolisch.