- Ik zou het terrein verkennen en me snel verplaatsen.
- Ik zou een kaart tekenen en deze volgen.
- Ik zou zoeken naar sporen of aanwijzingen van de juiste richting.
- Ik zou voorwerpen gebruiken die me zouden helpen verder te komen.
- Ik zou stoppen en nadenken over de beste oplossing.