- Zelfvertrouwen - ik weet wat ik verdien en ik weet hoe ik erom kan vragen.
- Angst - ik ben bang dat afwijzing negatief zal worden ervaren.
- Opwinding – ik zie het als een uitdaging waarin ik mijn vaardigheden kan tonen.
- Onzekerheid - ik weet niet hoe ik mijn eisen goed moet verdedigen.
- Rust – ik geloof dat een goede voorbereiding zorgt voor een goed resultaat.