- „Ik ben benieuwd hoe ze functioneren, wie ze zijn, wat hen motiveert.“
- „Ik hoop dat ze me meteen aannemen, ik wil geen conflicten oplossen.“
- „Ik moet me bewijzen, laten zien dat ik iets te bieden heb.“
- „Ik weet niet zeker of ik hier pas – het liefst zou ik onzichtbaar zijn.“
- „Ik zal zien wat er van mij verwacht wordt en me daar naar richten.“