- Ik blijf kalm, laat hem uitpraten en dan geef ik mijn mening op een stevige, maar beleefde manier.
- Ik geef subtiel aan dat ik mijn gedachte graag wil afmaken en ga door met vertellen.
- Ik begin harder en assertiever te spreken om de aandacht terug te krijgen.
- Ik laat het zo, ik hou niet van conflicten en ik wil de situatie niet escaleren.
- Ik maak een mentale notitie van zijn gedrag en bespreek het later privé met hem.