- Je probeert het probleem snel op te lossen, ook al voel je je onder druk.
- Je gaat de analyse in om de essentie van het probleem te vinden en vervolgens stel je een plan op.
- De eerste impuls is om een collega of leidinggevende te bellen, zodat je het gevoel hebt dat je niet alleen bent.
- Je probeert de situatie een tijdje "af te koelen", zodat je er later met een frisse blik naar kunt kijken.
- Je toont frustratie, omdat het je geplande werkproces vertraagt.