- Ik draai me om en tel tot tien om mijn gedachten te ordenen.
- Ik begin te praten over wat er is gebeurd, zodat het kind het begrijpt.
- Ik controleer of ik ergens een fout heb gemaakt in de opvoeding.
- Ik zeg tegen mezelf dat kinderen gewoon zo zijn, en laat het zo.
- Ik reageer impulsief, daarna bied ik mijn excuses aan.