- Ik ga alles nogmaals organiseren - ik heb een overzicht nodig.
- Ik doe alsof ik kalm ben, maar van binnen borrelt het.
- Ik begin impulsief te handelen, gewoon zodat ik het zo snel mogelijk achter de rug heb.
- Ik stop en denk na of het eigenlijk allemaal zin heeft.
- Ik bijt op mijn tanden en ga verder zonder te klagen – ik doe het op mijn manier.