- Ik dwing mezelf – als ik het nu niet doe, wordt het later erger.
- Ik neem een langzame start – een korte wandeling, koffie, en dan begin ik.
- Ik open de taken en kies iets makkelijks dat me in de juiste stemming brengt.
- Ik begin met het maken van een plan en zet muziek op.
- Ik zal heroverwegen wat me eigenlijk demotiveert - misschien moet ik iets veranderen.