- Ik moedig hem aan om regelmatig te sporten of aan fysieke activiteiten deel te nemen.
- Ik zeg hem dat stress iets is waarmee hij zelf moet omgaan.
- Ik zorg ervoor dat ik voldoende vrije tijd heb om te ontspannen en uit te rusten.
- Ik leg hem uit dat stress iets is dat niet volledig kan worden geëlimineerd, maar dat het beheersbaar is.
- Ik ondersteun hem bij het zoeken naar manieren om te ontspannen, zoals lezen of naar muziek luisteren.